Dwergen

Dit volk wordt gekenmerkt door hun gedrongen lichaamsbouw en hun weelderige beharing. De Dwergen veroverden duizenden jaren geleden heel het gebied rond de Sancti Mari en de Koude Zee. Uit de voormalige provincies van hun rijk onstonden de huidige naties. De Dwergen waren de eersten die werktuigen gebruikten en vervaardigden. Dit werd hen aangeleerd door hun goden Beldor, de strijder, en Krieg, de smid, in het begin der tijden. Zij hebben de Mensen alles aangeleerd, van rechtop lopen tot rechtspreken, omdat ze niet talrijk genoeg waren om alle taken te vervullen binnen hun gigantisch rijk. Toen de Mensen na de komst van l’EnfantDieux hun rijk opeisten konden ze alleen lijdzaam toezien, hier en daar hebben ze nog geprobeerd om hun territorium te beschermen en te behouden, maar tevergeefs de overmacht was te groot. In alle landen zijn nog sporen terug te vinden die getuigen van de grootsheid van de Dwergen, in de architectuur, in de rechtspraak in de algemene morele waarden die de Mensheid hanteert. Over de eeuwen heen hebben Dwergen zich aanpast aan de Mensenmaatschappij, ze hebben zich volledig geintegreerd. Vandaag de dag zijn Dwergen geëvolueerd tot vaklui, variërend van architecten tot mijnwerkers, van smeden tot bakkers.

Mannen typeren zich door een baard, terwijl vrouwen meestal vlechten dragen. De Dwergen zijn nog steeds een trots volk met weinig ruimte voor compromissen; een taak afwerken is heiliger dan het laven van hun dorst . Zij worden in het algemeen beschreven als ruwe bolsters met een blanke pit. Een Dwerg wordt makkelijk 250 jaar.

Als een Dwerg een taak aanneemt, dan werkt hij deze af. Personen die dezelfde taak willen delen, worden geaccepteerd als compagnons, maar personen met veel woorden en weinig daden horen niet thuis in het gezelschap van Dwergen.

Dwergen worden algemeen gekenmerkt door hun kracht, hun rechtlijnig denken en handelen, hun legendarische kennis van het brouwen en hun ongeëvenaarde strijdlust.